De Griefelinterventie

De Griefelinterventie, kortweg Griefelen genoemd, ondersteunt jonge kinderen bij de ontwikkeling van regulatievaardigheden.
Hieronder lees je er meer over. 

Bouwstenen voor veerkracht

Regulatievaardigheden helpen kinderen om lichamelijke activatie, emoties, aandacht en gedrag af te stemmen op wat een situatie vraagt. Dat betekent niet alleen rustig worden. Soms gaat het juist om bewegen, een grens aangeven, steun zoeken of voldoende geactiveerd blijven om te handelen.
De Griefelinterventie ondersteunt de ontwikkeling van emotieregulatie en fysiologische stressregulatie. Deze processen zijn nauw met elkaar verweven en komen bij jonge kinderen vaak tot stand in samenspel met een volwassene en de omgeving. Samen vormen zij belangrijke bouwstenen voor veerkrachtig functioneren, zo blijkt uit het onderzoek van de Augeo Foundation.

Speciaal voor het jonge kind

Regulatievaardigheden ontwikkelen zich sterk in de eerste levensjaren. Dat er weinig tot geen aanbod voor jonge kinderen onder de 7 jaar bestaat, is dan ook een gemiste kans! De basis die er tijdens deze jaren wordt gelegd, is cruciaal voor de ontwikkeling op latere leeftijd. 
Jonge kinderen hebben bij de ontwikkeling van regulatievaardigheden ondersteuning nodig van volwassenen en profiteren van een aanpak die concreet, lichamelijk en ervaringsgericht is. De Griefelinterventie sluit hierbij aan.

De interventie is ontwikkeld voor kinderen met een ontwikkelingsleeftijd van ongeveer drie tot zeven jaar. Het programma kan individueel worden aangeboden of in een keine groep (tot 5 kinderen). 
Onder bepaalde voorwaarden, zoals aanvullende opleiding van de Griefelaar en/of de aanwezigheid van een Griefelbegeleider, is de interventie ook inzetbaar in grotere groepen, in ouder-kind-begeleiding, als behandelinterventie of als diagnostisch instrument.

Terwijl het kind speelt, leert het brein!

Terwijl het kind tijdens de spellen spanning en opwinding ervaart, 'leert' het brein dat de bijbehorende fysieke gewaarwordingen niet gevaarlijk zijn. Het kind wordt hierdoor minder gevoelig voor het ontregelende effect van heftige emoties en stress. 'Spelenderwijs leren' krijgt zo bij het Griefelen een geheel nieuwe dimensie!

De drie kernelementen

De interventie krijgt vorm in drie samenhangende onderdelen:
krinkels en kronkels
(taal), de tien Griefelbijeenkomsten (het programma) en de rol van de Griefelaar (begeleiding). 

De 10 Griefelbijeenkomsten (programma)

De Griefelinterventie bestaat uit een programma van tien bijeenkomsten met een vaste opbouw. Die herkenbare structuur geeft jonge kinderen houvast en biedt een veilige context om te oefenen.
Binnen de bijeenkomsten leren kinderen stap voor stap lichamelijke gewaarwordingen herkennen, interpreteren en uiten. Daarnaast oefenen zij met het verdragen van spanning, met het laten afvloeien van overtollige energie en met het weer tot rust brengen van het lichaam. Verhaal, spel, beweging en muziek vormen daarbij samen een ontwikkelingspassende ingang.
Een belangrijke plaats binnen het Griefelprogramma is weggelegd voor het verhaal van Stokkie het stokstaartje, die in het Grote Dierenbos allerlei avonturen beleeft. Elke bijeenkomst vertelt Stokkie één van deze avonturen in de vorm van een verhaal op rijm. Onder begeleiding van de Griefelaar spelen de kinderen spellen waarin ze zelf kunnen ervaren wat de dieren meemaken, waarbij de spanning in een veilige setting kan oplopen. Giraf helpt hen vervolgens om hun lichaam weer tot rust te brengen om vervolgens echt te kunnen ontspannen. 

Speciaal voor het jonge kind (taal)

Binnen de Griefelinterventie vormen lichamelijke gewaarwordingen het uitgangspunt. De lichaamsgerichte insteek maakt de Griefelinterventie geschikt voor jonge kinderen die nog niet in staat zijn om abstracte emoties bij zichzelf te herkennen en te benoemen. Lichamelijke gewaarwordingen zijn concreet tastbaar, waardoor ze voor kinderen een toegankelijk startpunt vormen.
Binnen de Griefelinterventie worden lichamelijke gewaarwordingen als krinkels en kronkels aangeduid, die 'fijn' of 'niet fijn' kunnen voelen. Deze 'griefeltaal' helpt kinderen om zij voelen in hun lichaam uitbaar en bespreekbaar te maken. Dit laatste kan verbaal, maar ook met behulp van de Griefel: een peperkoekmannetje waarop kinderen hun krinkels en kronkels in beeld kunnen brengen. 

De Griefelaar (begeleiding)

Binnen de Griefelinterventie vervult de Griefelaar een centrale rol. Hij is geen uitvoerder van een draaiboek, maar degene die het programma tot interventie maakt. De rol van Griefelaar kent veschillende elementen, die in de opleiding nader worden toegelicht en uitgewerkt:
 • het scheppen van veiligheid;
 • het helpen richten van aandacht op lichamelijke signalen;
 • het ondersteunen van interpretatie en uiting;
 • het bewaken van dosering;
 • het begeleiden van afvloeien van spanning en terugkeer naar rust;
 • en het mogelijk maken van positieve ervaringen met co-regulatie. 
Binnen de Griefelinterventie vervult de Griefelaar een centrale rol. De interventie bestaat niet alleen uit een programma met vaste onderdelen, maar krijgt juist betekenis in de manier waarop de Griefelaar deze onderdelen inzet en begeleidt. Door met kinderen in gesprek te gaan over de krinkels en kronkels die zij tijdens het programma ervaren, stimuleert hij de ontwikkeling van het introspectief bewustzijn.
Tijdens het Griefelprogramma wisselen momenten van (in-)spanning en ontspanning elkaar voortdurend af. De kinderen krijgen hierdoor de kans om te voelen wat dit met hun lichaam doet en te oefenen hun lichaam weer tot rust te brengen. Het is aan de Griefelaar om dit proces te begeleiden en de veilige basis te bieden waarin het kind kan experimenteren zonder overweldigd te raken. 

Meer weten?

Spreekt het Griefelen je aan en wil je onderzoeken of het iets voor jou is? 
Schrijf je dan in voor de oriëntatiemodule.